Groen

‘Dus u wilt zeggen dat ik lieg?’, zegt de niet onknappe politieagente terwijl zij opkijkt van haar bonnenboekje.
Wij staan ‘dubbel’ geparkeerd voor de deur van mijn zwager Rein op de
Loosduinsekade. Wij staan daar dubbel omdat een stopteken achter mij
knippert. Ook sterk, denk ik nog, precies voor de deur van Rein kan ik
nu de auto laten staan, maar wel op een punt waar een paar jaar terug
al eens een auto vol achterop was gereden.

Mevrouw de agente is achter mij aangesneld omdat ik volgens haar
levensgevaarlijk door rood ben gereden. Ik moest wel van de Politie zijn om mij zo te gedragen …

Waar zij zo snel vandaan komt is voor mij een raadsel, want ik stond
naast een zilverkleurige Mercedes en de zwarte auto waar zij uitkomt
stond rechts daarnaast voorgesorteerd om de Paul Krugerlaan op te
draaien. Lida zei nog vlak daarvoor, dat ik op de linker rijbaan wel
verkeerd stond om nog naar rechts te kunnen. Maar ik ken de snelheid
van ons autootje en ik dacht nog, die Mercedes kan ik hebben omdat ik
nog niet helemaal stil stond toen het links voor mij op groen sprong.
Dat zag Lida gelukkig ook. Zij doet nu verwoede pogingen het schrijven in het bonnenboekje te stoppen.
‘Ach mevrouw’,
smeekt zij bijna, ‘kunt u niet één keertje …’

Maar de agente heeft het veel te druk om hierop in te gaan en schrijft
driftig door … ‘Uw rijbewijs alstublieft …’ Door de spanning geef ik haar mijn betaalpas, maar corrigeer dat onder haar blik
snel. Nog mazzel dat het niet mijn AH bonuskaart is.
Ondertussen ontwaakt het kruispunt de Zevensprong, het drukste kruispunt van Den Haag. Twee rijen dik komt het verkeer op ons af denderen. Door de aanhouding is nog maar ruimte op één baan …
‘Komt u er maar tussenuit, een beetje hier staan …’, zegt de verbalisante nu. Het lijkt wel of zij nu inziet dat niet ik, maar zij
een levensgevaarlijke situatie heeft gecreëerd. Zij wil daar net als ik
zo snel mogelijk een einde aan maken en zegt: ‘U zegt dus dat het groen was en u wilt het laten voorkomen?’
‘Zeker weten’, is mijn antwoord. Zij is maar alleen en wij zijn inmiddels met zijn drieën.
Zij schrijft ‘groen’ op, overhandigt mij een kopie met de woorden: ‘Dan zie ik u daar wel.’ En de situatie bekijkend: ‘Doet u wel voorzichtig?’ Wel prima dat deze agente er bovenop zit. Als er iemand een hekel heeft aan het door rood licht rijden dan ben ik het wel.
En weg ben ik weer, nu ook met Rein en Lida, naar onze kerstmaaltijd met Tante Jos van 92 jaar in haar bejaardenhotel …

Waarom hebben wij eigenlijk zo’n haast?

Niek

Meer columns van Niek

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s