Zeldzaam plantje geruimd

img_3083

Op de Veenkade verbaas ik mij over de permanente afrastering op de plaats waar al maandenlang bouwhekken stonden. Keurig zwart gelakt hekwerk dat de intentie heeft er permanent te blijven staan. Kaarsrecht en volledig in lijn neergezet met een keurige gele streep erlangs waarbinnen fietsen mogen staan. 

Het doel ontgaat mij maar ik ben blij dat de bomen nu wat minder bang hoeven zijn omgezaagd te worden.

Ik ben niet de enige die zich verbaast, want de mannen die aan komen lopen, hoor ik nog net het woordje ‘hekken’ gebruiken. Het verbaast ze eigenlijk niet als ik naar hun mening vraag, vertelt Ruud Eestermans en zijn zoon van Eestermans Bouw.

Laatst nog aan de Soestdijksekade in hun woonboot maakte Ruud ook zoiets onbegrijpelijks mee. Hij komt thuis en ziet een man gehurkt op de loopbrug zitten.

“Wat doet u op mijn bruggetje?

Ik ga toch ook niet ongevraagd in uw voortuin zitten?”

De man in kwestie verontschuldigt zich, stapt de kant op en meldt dat hij voor de gemeente Den Haag onderzoek verricht naar een zeldzaam plantje: de ‘zwartsteelvaren’. Zij doen nu met een hele groep onderzoek naar de door de flora- en faunawet beschermde varensoorten waaronder de ‘tong- en zwartsteelvaren’.

Ruud is trots op de gevarieerde plantengroei rond zijn boot zowel op de kade als in het water met nu bloeiende waterlelies. Hij ziet de botanicus de rest van zijn onderzoek urenlang die middag op de kant verrichten en besteedt er verder geen aandacht aan …
Twee dagen later gebeurt het onbegrijpelijke. Medewerkers van de veeg- en ruimploeg maaien de complete plantengroei op de kade kaal, inclusief de door de flora- en faunawet beschermde ‘zwartsteelvaren’!

Ach, laat Ruud het zelf maar vertellen.

Op de achtergrond het nieuwe fraaie hekwerk op de Veenkade waar de verbazing over de Soestdijksekade toeslaat.

 

Virtuele songteksten …

img_2519

Onbewust vertalen, je hebt het zelf niet door. 

Vroeger luisterde ik nooit naar songteksten. Ik vond en vind veel muziek gewoon gaaf en kan daar heel enthousiast voor worden. En vooral instrumentaal dus. Die teksten hoeven voor mij niet zo. 

Neem nu Faithless. Ook hier is tekst alleen maar storend vinden Lida en ik. Wij gaan voor de heftige beat en het kippenvel. 

Als ik nu naar hits uit de jaren zeventig en tachtig luister kom ik erachter dat ik ook enthousiast kan worden voor de songteksten. Dan worden die ‘gâhwe âhwûh’ voor mij opnieuw een hit. En het verklaart wellicht ons enthousiasme ervoor.

‘ She’s not there’ van The Zombies, bijvoorbeeld, gezongen door Colin Blunstone.

Dit was voor ons zo’n lekker dansnummer met vooral de solo op het orgeltje er tussendoor en aan het eind. Wat heb ik er dan ook een hekel aan als radio-dj’s daar doorheen kletsen. Maar dat is een ander verhaal.

‘The more I see you’ van Chris Montez. 

Man man wat een nummer is dat. Maar vooral door het instrumentale dus. Al bij de eerste vibrafoonklanken, schakel ik over in de romantiekstand. Dat heb ik dus niet zelf in de hand. Dat gebeurt onbewust; virtueel zeggen we tegenwoordig. 

En ondertussen vertalen de hersens ook nog even onbewust de songtekst voor het complete gevoel. 

“The more I see you the more I love you … as years go by. I know the only one for me can only be you …”

Je begrijpt het al de vinyl singles zijn in ons bezit. 

Zie ook

She is not therevan The Zombies, zang Colin Blunstone

The more I see youvan Chris Montez

‘Mashupvan Faithless.

Brandt die lamp nu of niet? 

img_2497

Tijdens mijn tweewekelijkse loop van tien kilometer naar het Zuiderstrand passeer ik op de Suezkade aan een van de fraaie panden een buitenlamp met lichtlila gekleurd glas. En het is net of die altijd aan is.

Vandaag fiets ik langs en zie een vrouw aan de deur staan praten …

“Mag ik u iets vragen? Brandt deze lamp de hele dag of is hij nu uit?”

“Hij is uit en ’s avonds gaat hij automatisch aan”.

“Weet u dat zeker? Kunt u de stekker er eens uittrekken?”

“Een ogenblikje.”

Verwachtend dat ik de lamp uit of aan zie gaan, komt echter een man naar buiten met de vrouw er achteraan. 

Dochterlief waarmee de vrouw blijkt te staan praten mengt zich nu ook in het gesprek.

“Ik denk ook altijd dat de lamp aan is, mam. Daar lijkt het echt op!”

Paps is daar zeer overtuigend in. En met de blik waarmee hij mij aankijkt duldt hij geen tegenspraak.

“Het licht wordt geschakeld met een sensor in de lamp. Als het donker is en er is beweging dan gaat het licht aan.”

Een beetje vreemd vindt hij het zo te zien wél, dat een voorbijganger deze vraag stelt. 

Ik overtuig hem ervan dat ik hem geloof, met een twijfelende blik in mijn ogen en meld dat ik vanavond de proef op de som neem. Dat doe ik natuurlijk niet. Want dat zou pas écht vreemd zijn. 

Maar wij hebben ook een sensorgestuurde buitenlamp in onze tuin met de sensor ín de lamp. Maar als het glas vuil is, gaat de verlichting aan; ook overdag en ook zonder beweging in de buurt. Dus heb ik de sensor maar uitgeschakeld. 

Onze buitenlamp is uitgeschakeld wat sensoren betreft

En wij hebben niet eens last van die vreemde voorbijgangers …

Nietsmachines 1 en 2

img_2256

Je leest het goed Nietsmachines (met een s) zijn een bedenksel van Atelier Mats uit Eindhoven. Zij is tijdens het Festival Design Kwartier onder #4 neergestreken bij WATT Design aan de Laan van Meerdervoort 94a. Mats Horbach ontmoette ik al tijdens de BRIGHT Days 2014 in de Wester Gasfabriek in Amsterdam.  



de ‘Nietsmachines’ van Atelier Mats brengen een ode aan het niets

Ook nu verbaas ik mij over de signalen die zomaar uit het niets blijken te kunnen worden opgevangen. Daartoe zijn enkele systeempjes opgesteld die mij sterk doen denken aan de Pionier bouwdozen van Philips uit de vijftiger jaren. De grafische afbeeldingen in de opstelling bij WATT Design willen duidelijkmaken dat zendgolven niet gericht maar bolvormig 360° in de rondte worden uitgestraald. Ontvangst daarentegen gaat altijd via een gewikkelde spoelantenne. 



veel belangstelling voor de ‘Nietsmachines’ van Atelier Mats bij WATT Design aan de Laan van Meerdervoort

Met de Nietsmachines 1 en 2 toont Atelier Mats de mogelijkheden van energieconsumptie uit de overal aanwezige netwerken en signalen. Ook grafisch is dat in beeld gebracht met in de etalage aanwezige kleurrijke afdrukken. ‘Ode aan het niets’ noemen zij het tijdens het Festival Design Kwartier.

Duivenpraat

img_3599

Op de brug kom ik een duifje tegen dat iets om zijn pootje heeft zitten. Ik kom van AH met de aankopen in een Bakker Roodenrijs broodschappentas.

Het miezert en ik vind het eigenlijk wel zielig hoe dat duifje erbij hipt. Terwijl ik dat zo sta te bekijken komt er een Indisch vrouwtje met een boodschappenkarretje bijstaan. Zij begint het duifje te voeren.

Het duifje op de Conradkadebrug heeft iets aan zijn rechterpootje maar ze schijnt er weinig last van te hebben

“Die zit hier al een tijdje”.

“Zielig. Ze moet eigenlijk naar de dierenarts”.

“Maar dat kost geld”.

“Ik bedoel eigenlijk de Dierenambulance. Kunt u die niet bellen?”

“Ik heb geen telefoon …”

“Ik bel thuis wel.” Ik heb geen zin hier in de regen met die boodschappen in mijn hand het nummer op te zoeken.

Maar thuis wordt het er niet beter op. In verband met de drukte (..) belt zij mij straks terug, als ik dan even een fotootje stuur.

Ik maak altijd filmpjes en haal er een opname uit. Het meisje belt terug met de boodschap dat ik de duif toch het beste zelf kan vangen omdat het wel een tijdje kan duren voordat de ambulance langs kan komen en het is nogal een gedoe: degene die hem voedt heeft de beste kans hem te vangen.

Het duifje heeft er op het eerste gezicht weinig last van en het kan gewoon goed vliegen … Ik zie nog weleens.

de duifjes op het Koningsplein hebben beide een verminkt rechter pootje, maar ook zij schijnen er geen last van te hebben …

De volgende dag zit ik op het Koningsplein met Lida en drie kleinkinderen als ik ook hier duiven zie die elkaar het hof maken en lopen te bedelen. Maar wat mij vooral opvalt dat de twee duiven, waarschijnlijk een doffer (mannetje) en een duif (vrouwtje) beide een verminkt rechter pootje hebben …