Geen U maar een L …

Als ik lees “geen U maar een L” moet ik steeds aan de grap van Karel Kanits denken. Zijn directeur vroeg eens aan hem: “Zeg Karel, wij kennen elkaar al tweeëneenhalf jaar. Waarom spreek jij mij nog altijd aan met U?” Waarop Karel zegt : “Omdat ik de L niet kan uitspreken …”

Ik moet er weer aan denken als ik vanochtend de column van Sjaak Bral lees over het KJ-plein, de uitgang van Den Haag Centraal en het entree van onze stad Den Haag. Wat de gemeenteraad allemaal aan het bekokstoven is, blijft voor de Hagenaar en Hagenees vaag. Want zelden of nooit heb ik een besluit van de Gemeenteraad gelezen waar de bewoners het mee eens zijn. De gemeenteraadsleden zitten daar toch namens de bewoners om de besluiten van de wethouders in de gaten te houden en daar iets aan te doen?

Niets van dit al merk ik al zolang ik Hagenaar ben. Goed, mijn website en nu ook blog en zelfs vlog (videoblog) Hagazine.nl ontlenen hun bestaansrecht hieraan, maar beter was dat dit niet nodig zou zijn. Daar heb ik mij, overigens met veel genoegen, bij neergelegd.

Nu weer het Koningin Julianaplein, het bijna constant open liggende gebied waar de bezoeker van Den Haag zijn eerste stappen op residentieel terrein zet. Want het grondgebied van de treinstations zelf behoort aan de Nederlandse Spoorwegen toe. Zodra de treinreiziger een stap op Haags grondgebied zet ziet hij rechts van hem een kakofonie – als dat in beeldtaal bestaat – van ijzer. Fietsenrekken kunstzinnig in een driehoek neergezet met op de hoeken een poging van plantenbakken met er omheen een bankje en scooters die namelijk niet in de rekken passen.

Voor de gehaaste treinreiziger die over het KJ-plein komt aanlopen is ook nog het bezwaar dat de perrons nog vele tientallen meters ver weg liggen en dat hij deze te voet moet afleggen. Hij zou het liefst het geheel, inclusief het stationsemplacement naar zich toe trekken vanaf het moment dat hij de P & R betreedt. Nee, eerst moet en zal hij het winderige KJ-plein moeten oversteken waar links van hem het eerder vermelde fietsenslagveld zichtbaar is met daarachter Nieuw Babylon. Gehaast als hij is zal hij in één rechte lijn naar zijn bekende perron lopen onderweg vele botsingen vermijdend met gehaaste reizigers in de tegenovergestelde richting.

Wat een verademing zou het zijn als je met peoplemovers op het juiste perron wordt afgezet. Het zou het KJ-plein ook meteen een kosmopolitisch aanzicht geven. Modern gericht op de toekomst …

Maar nee, dan de gedachten van onze geachte gemeenteraad. Zij kan het wel eens zijn met de L in plaats van het U-vormige gebouw, maar dan wel een L van 90 meter hoog!
Wat een visie. Alweer een windmaker in het Wijsmakertijdperk.
Wat niet uit de breedte komt van de U, moet uit de lengte komen van de L van 90 meter hoog …

Hoe zou het toch komen, dat ik dan aan die grap van Karel Kanits moet denken …?

Kerstverhaal op zaterdagmorgen

De deurbel gaat. Meteen denk ik: Lida ligt nog te slapen …
Er staat een slanke man in een suède jack en zelfde kleur petje op. Hij kijkt mij allervriendelijkst aan en vraagt:

Wilt u nog vriend met God worden?

Ik zeg ik heb al een vriend.

Hoe heet die dan?

Jesus. En vorige keer heb ik aangegeven dat ik voor welk geloof dan ook niet aan de deur lastig gevallen wens te worden. Mijn vrouw lag boven nog te slapen. Die is nu vast wakker geworden.

Wilt u haar de hartelijke groeten van mij doen?!?

Daar zal zij blij mee zijn!

Zit ik net weer, komt Lida slaperig naar beneden met de vraag:

Was dat mijn blauwe trui?

Nee, God!

Lisa op (be)zoek …

Wat hartstikke leuk dat de Laan van Meerdervoort in een master study Film and Photographic aan de Universiteit Leiden is opgenomen. En dat Lisa bij mij aanbelt om een opname uit ons raam te mogen maken.

Vijftien onderwerpen heeft zij te doen deze middag en daar heeft zij met de negen kilometer lange Laan van Meerdervoort wel voldoende keus aan. Als zij maar niet nog zo’n figuur als ik (interniek) tref, want dat gaat haar tijd kosten. In het filmpje dat ik van haar schiet kun je zien hoe haar feitelijke opdracht luidt die zij zelf mag invullen. Een bijzondere herinnering of belevenis die wij als bewoners van dit huis hebben als wij uit het raam kijken dat is haar persoonlijke invulling van het project. En dan is zij aan het juiste adres!

Ik had het al over de Jugendstilgevel waar ik al eerder aandacht aan gaf in Ons Den Haag, het nieuwsblad van de Vrienden van Den Haag. Maar zoals ik na haar kopje thee al voorspelde zou mij na haar vertrek nog iets beters te binnen schieten.
De meest spectaculaire herinnering gezien vanuit ons raam herinner ik mij nu, is wel de schietpartij en eerdere bommelding bij het Politiebureau en Brandweerpost Archimedesstraat. Maar die zijn sinds kort omgetoverd tot een vreedzaam Medisch Centrum Archimedes.

Een eerder interview gericht op ervaringen met de media had ik in 2009 met Ilse Ambachtsheer van de Erasmus Universiteit Rotterdam dat in Bodega de Posthoorn aan het Lange Voorhout plaats had .

Pittige kippenvleugeltjes met Pasen

Als je bij Victor Meijer op de Zuiderparklaan hoek Escamplaan je gekruide kippenvleugeltjes gaat kopen, weet je bij voorbaat dat je er met een verhaal vandaan komt.

Nu de vraag of hij nog leuke reacties heeft gekregen op zijn column in Ons Den Haag een paar maanden terug. Best leuk om hem te interviewen. Hij vindt dat ook leuk. Kijk zelf maar. 

Heeft hij het meteen over gratis Haagse Cultuurgids van partner Mayka: de Maykagenda was deze keer backstage met de Kraaien en liep tegen de jongens van Taymir op.

Normvervaging

Een luid kletterend lawaai aan de overkant van de Reinkenstraat deze zaterdag rond het middaguur. Ik zie nog net een fiets op straat vallen en een SUV, zo’n hoge luxe auto waarmee je op wilt vallen tussen gewone auto’s, nog een keer achteruit rijden om opnieuw te proberen uit het parkeervak te komen.

Het achterwiel van de gevloerde damesfiets, ligt nu uitnodigend op straat om door een voorwiel te worden geplet. Even kijken of dat gebeurt …
“Nee hoor, het ging goed!”, zegt een vrouw die het uitrijden ook belangstellend volgt. “Maar hij rijdt wel weg zonder de fiets overeind te zetten!”, zeg ik lichtelijk geïrriteerd. “Dat doe ík ook niet meer hoor, omgevallen fietsen oprapen. Ik krijg steeds meer het gevoel dat ik dat voor een ander aan het doen ben.” 
En daar geef ik haar groot gelijk in. Ik maak een bruggetje naar de mentaliteit van tegenwoordig door op de bestrating te wijzen waarop wij nu staan te praten. “Dat ziet er toch niet uit?” Daar geeft zij mij groot gelijk in. Waarop zij weer een sterk staaltje vertelt over Roma-achtige types bij haar in de buurt. Een zo te zien keurig stel zit op een bankje in het parkje dat zij vanuit haar flat kan zien, als zij precies om zes uur opeens opstaat. De vrouw stapt de bosjes in en gaat daar zitten plassen zonder op of om te kijken of anderen dat kunnen zien. Dan stappen ze samen op en verdwijnen de wijk in. Wat ze gaan doen? Ik zou het niet weten … Maar ze wonen hier niet …